>Een analyse van twee potpourri-ingrediënten
Hoger beroep

Door Joachim Meese – 18/05/2017 – Publicaties

een analyse van twee potpourri-ingrediënten

Naar aanleiding van de studiecyclus die dit jaar werd georganiseerd door de Vlaamse Conferentie der balie van Gent (zie hierover ons eerder bericht) verscheen recent het verslagboek met daarin bijdragen van alle sprekers.

Het verslagboek bevat dus onder meer de bijdrage van Joachim Meese over twee aspecten van de zogenaamde potpourri II-wet. Een uittreksel daarvan kan u lezen via deze link.

Een eerste deel betreft de regeling inzake conclusietermijnen in strafzaken. Sedert vorig jaar kunnen partijen die wensen te concluderen aan de vonnisrechter vragen om conclusietermijnen op te leggen. Er wordt dan als het ware een soort agenda opgesteld waaraan de partijen zich moeten houden. Laattijdige conclusies worden immers in principe uit de debatten geweerd, al is het wel mogelijk om daarvan af te wijken als er een akkoord is tussen de partijen in die zin. Belangrijk is wel dat deze regeling niet geldt tijdens het vooronderzoek. De raadkamer en de kamer van inbeschuldigingstelling kunnen dus geen bindende conclusietermijnen opleggen. In een recent arrest van 11 mei 2017 heeft het Grondwettelijk Hof overigens vastgesteld dat dit geen schending van het gelijkheidsbeginsel oplevert.

Een tweede deel van de bijdrage van Joachim Meese, betreft de nieuwe regeling inzake het hoger beroep in strafzaken. Thans wordt van de partijen die hoger beroep aantekenen verwacht dat zij een grievenformulier invullen waarin zij hun grieven tegen het beroepen vonnis nauwkeurig aangeven. Om die reden werden de beroepstermijnen opgetrokken. Ook deze regeling is niet van toepassing op het vooronderzoek. De nieuwe regeling heeft al aanleiding gegeven tot heel wat diverse rechtspraak over wat die nieuwe vereiste nu precies inhoudt. In zijn kritische analyse legt Joachim Meese uit waarom de wetswijziging helemaal geen quick win is geweest, zoals bedoeld was door de wetgever.

De volledige inhoud van het verslagboek kan u hier raadplegen.

Voor bestelinfo verwijzen wij graag naar de site van de uitgever.

Joachim Meese, “Conclusietermijnen in strafzaken en een nieuwe regeling inzake hoger beroep: een analyse van twee potpourri-ingrediënten,” in W. Vanbiervliet (ed.), De potpourri-wetten. Een eerste evaluatie van de waaiers aan quick wins, reparaties en grondslagen voor organisatorische vernieuwingen, 2017, 137-176.

delen op

2017-05-18T10:26:32+00:00