>Historische beslissing door het human rights committee

PERSBERICHT – 29/05/2019

Historische beslissing door het human rights committee

In een historische beslissing, heeft het Mensenrechtencomité van de Verenigde Naties (Human Rights Committee, hierna afgekort HRC) geoordeeld dat Turkije de mensenrechten van twee aan Gülen gelinkte personen heeft geschonden en beveelt hun vrijlating en compensatie.

Dit werd zopas beslist door het HRC in een uitgebreid gemotiveerde beschikking.

De wereldwijd vertakte Gülen groepering heeft via haar Belgische advocaten op 12 mei 2017 een voorziening aanhangig gemaakt bij het HRC om de toestand aan te klagen van twee Turken die sedert 2 en 4 mei 2017 van hun vrijheid beroofd waren.

De twee mannen waren een schoolhoofd en een academicus, die jarenlang in Maleisië woonden, en lesgaven in een internationale school te Kuala Lumpur, die geïnspireerd was op het gedachtengoed van Fethullah Gülen. Beide personen werden gekidnapt (waarvan beeldmateriaal bestaat) door speciale Maleisische veiligheidsdiensten en met behulp van leden van Turkse geheime diensten naar Turkije overgebracht.

Sedertdien verbleven ze in detentie.

Na een procedure van ruim twee jaar, en de uitwisseling van memories door de advocaten van de gedetineerden en Turkije, heeft het HRC voor het eerst sedert de beweerde poging tot staatsgreep van 16 juli 2016, een duidelijke beslissing genomen.

Het HRC stelt dat er een willekeurige vrijheidsberoving van beide personen plaatsvond.

Er wordt vastgesteld dat de gearresteerden onvoldoende snel op de hoogte werden gebracht van de redenen van hun arrestatie, dat ze onvoldoende werden geïnformeerd over de inhoud en het verloop van het onderzoek en dat er onvoldoende bewijzen waren betrekkelijk hun aanhouding.

Het HRC stelt dat het vermeende gebruik van de Bylock toepassing of de vermeende storting van fondsen bij de Bank Asya, wat als enige bewijs tegen de heer Karaman en de heer Ozcelık werd aangevoerd, niet voldoende was voor Turkije om aan te tonen dat de detentie van de twee mannen noodzakelijk of redelijk was.

De door Turkije ingeroepen argumentatie, nl. dat de afgekondigde noodtoestand uitzonderingsmaatregelen verantwoordde, overtuigt het HRC duidelijk niet. Al evenmin het argument dat de betrokkenen niet alle rechtsmiddelen in Turkije zouden hebben uitgeput alvorens een klacht neer te leggen bij het HRC.

Het HRC stelt ook dat Turkije niet aantoont dat het grondwettelijk hof een effectief binnenlands rechtsmiddel is in zaken van voorlopige hechtenis.

De weg naar het Europees Hof voor de Rechten van de Mens ligt opnieuw open voor aan Gülen gelinkte personen in hechtenis om hun fundamentele rechten gewaarborgd te zien.

Het HRC heeft beslist dat Turkije beide personen moet vrijlaten en hun voldoende schadevergoeding moet geven om de vastgestelde en meerdere schendingen van hun mensenrechten waarvan zij het slachtoffer werden te compenseren.

De Turkse staat wordt tevens verplicht alle noodzakelijke maatregelen te nemen teneinde gelijkaardige schendingen in te toekomst te vermijden.

Turkije wordt bijkomend verplicht gevolg te geven aan de door het HRC opgelegde maatregelen, en dit binnen een tijdsperiode van 180 dagen, waarna Turkije ook aan het HRC dient te rapporteren over ze effectief deze maatregelen hebben uitgevoerd.

Tot slot dient Turkije deze beslissing te verspreiden en dit in de Turkse taal.

Voor de Gülen-gemeenschap heeft deze uitspraak een heel grote precedentswaarde omdat het Mensenrechtencomité van de hoogste wereldlijke organisatie (United Nations) de willekeurige wijze waarop Turkije mensen opsluit streng veroordeelt en strijdig acht met de internationale burgerlijke en politieke rechten.

Bovendien acht het HRC de huidige rechtsmiddelen die voor gearresteerde Gülen-aanhangers openstaan in Turkije, niet afdoende om te kunnen spreken van een voldoende en effectieve toegang tot de rechter.

Deze beslissing moet een lotsverbetering betekenen voor de meer dan 77.000 onrechtmatig gedetineerden die al jaren hun proces afwachten.

Een dergelijke uitspraak kwam er nog niet, ook niet voor het Europees Hof voor de Rechten van de Mens.

video

beeld

Indien u onderstaande beelden downloadt, gaat u akkoord met volgende voorwaarden: deze beelden dienen enkel voor gebruik door de pers en dienen enkel als publiciteit voor Van Steenbrugge Advocaten.

uitleg en credits fotograaf

uitleg en credits fotograaf

uitleg en credits fotograaf

Over Van Steenbrugge Advocaten

Van Steenbrugge Advocaten (VSA) helpt zowel particulieren als grote en kleine bedrijven die advies of bijstand zoeken in het ondernemings-, sport- of strafrecht. Twintig advocaten en elf administratieve krachten werken er als een hecht en goed geolied team.

VSA wil advocatuur brengen van een buiten-gewoon niveau, waarbij grondigheid, juridische kennis en doorzicht, multidisciplinaire aanpak en doordachte strategie de bouwstenen zijn, en die zoveel mogelijk leidt tot maatschappelijk relevante juridische resultaten in België, Europa en wereldwijd. Het kantoor zweert bij 360 graden teamwork, met allerlei domeinspecialisten en een permanente kennis- en strategieoverdracht. Het enige doel daarbij is: zaken voor de cliënt zo krachtig en correct mogelijk waarnemen en verdedigen.

perscontact

Louise Verhelst
T +32 (0)9 269 10 69
[email protected]

2019-09-24T12:02:09+00:00