>Misbruik in de Kerk: uitspraak door het Hof van Beroep
misbruik in de Kerk

Door Christine Mussche en Walter Van Steenbrugge – 25/02/2016 – In de kijker

misbruik in de kerk: uitspraak hof van beroep

Hieronder treft u onze eerste reactie aan op het arrest van het Hof van Beroep te Gent naar aanleiding van de dagvaarding van de Heilige Stoel en van de Belgische beleidsmakers binnen de Kerk. Lees hier meer over het dossier misbruik in de Kerk.

We konden inmiddels de inhoud van het arrest van hedenmorgen lezen en bespreken.

Uit de uitspraak van het Hof van Beroep te Gent blijkt dat de Kerk (de Heilige Stoel) juridisch onaantastbaar is, althans in België. Er wordt immers geoordeeld dat beleidsfouten van de Heilige Stoel, ook al leiden ze wereldwijd en dus ook in België tot schade, niet door een Belgische rechter kunnen worden beoordeeld op grond van Staatsimmuniteit. Dat betekent, noch min noch meer, dat de Belgische overheid noch het gerechtelijk apparaat bij machte zijn om Belgische onderdanen te beschermen tegen schadeverwekkende handelingen gesteld door een andere Staat of zelfs door een entiteit als de Heilige Stoel, die weliswaar (onder meer) beleidsbeslissingen neemt op het eigen (erg kleine) grondgebied maar dat beleid wel concretiseert over de gehele wereld. 

Wij zijn van oordeel dat een dergelijke invulling van immuniteit niet meer van deze tijd kan zijn. De slachtoffers verdienen het dat een rechter zou oordelen over de grond van de zaak. Het recht op toegang tot een rechter is trouwens een fundamenteel mensenrecht (artikel 13 Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens) dat reeds gedurende een tiental jaar gestaag aan belang wint in de rechtspraak van het Europees Hof  te Straatsburg.

Verder oordeelt het Hof van Beroep, wat de vordering tegen de Belgische beleidsmakers binnen de Kerk betreft, dat de dagvaarding om procedurele redenen nietig is. De slachtoffers dienden zich, volgens het Hof van Beroep, immers met naam en toenaam kenbaar te maken, wat zij met het instellen van een groepsvordering hebben getracht te vermijden om niet opnieuw en ditmaal publiekelijk geslachtofferd te worden. Hiermee is duidelijk gebleken dat de Belgische regels van procesvoering niet toereikend zijn om een dergelijk grootschalig schadegeval af te handelen en daarvoor de verantwoordelijken ter verantwoording te roepen. 

Er werd door ons van in den beginne rekening mee gehouden dat de slachtoffers mogelijks in Straatsburg hun gelijk zouden moeten halen (wat enkel kan als alle Belgische rechtsmiddelen uitgeput zijn). Wij overwegen dan ook het instellen van cassatieberoep om nadien deze zaak te kunnen voorleggen aan het Europees Hof voor de Rechten van de Mens.

Door deze uitspraak zijn de slachtoffers van seksueel misbruik ontgoocheld maar niettemin nog steeds zeer vastberaden om degenen die het doofpotbeleid decennialang hebben aangehouden in rechte aan te spreken.

De slachtoffers blijven vaststellen dat de beleidsmakers binnen de Kerk enerzijds aan de maatschappij voorhouden de door hen begane fouten te erkennen maar dat zij anderzijds alles in het werk stellen om deze fouten niet beoordeeld te zien worden. Deze spreidstand zou zonder de gerechtelijke stappen van de slachtoffers nooit zo duidelijk zijn aangetoond, wat op zich al de grote maatschappelijke relevantie ervan aantoont.

delen op

Blijft u graag op de hoogte
van onze visie op advocatuur
en de actualiteit?
Geïnteresseerd in lezingen of studiedagen?

schrijf u in op onze nieuwsbrief

Blijft u graag op de hoogte
van onze visie op advocatuur
en de actualiteit?
Geïnteresseerd in lezingen of studiedagen?

schrijf u in op onze nieuwsbrief

2018-06-05T22:20:37+00:00