>Whereabouts en het recht op privacy: verenigbaar?
whereabouts

Door Ruben Vispoel – 27/03/2018 – In de kijker

whereabouts en het recht op privacy: verenigbaar?

Tour de France 2007

Elke sportliefhebber herinnert zich ongetwijfeld Michael Rasmussen, een voormalig Deens wielrenner en begenadigd klimmer.

Indien de naam u niet bekend voorkomt, raad ik aan hem even te googelen. U zal merken dat deze klimgeit een aanzienlijke bekendheid verwierf, maar niet zozeer op basis van zijn aangeboren koerskwaliteiten…

Wél omdat Michael Rasmussen er als enige ooit in slaagde om als drager van de gele trui, met de eindzege van de Tour de France 2007 binnen handbereik, door de eigen ploeg uit de wedstrijd te worden gezet.

Reden? Een foutieve registratie van zijn verblijfsgegeven in het whereabouts-systeem. Michael Rasmussen had in de aanloop naar de Tour opgegeven dat hij zich in Mexico klaarstoomde, terwijl hij in werkelijkheid trainend in de Dolomieten werd gespot.

Men vermoedde dat Michael Rasmussen door foutieve verblijfgegevens op te geven, dopingcontroles probeerde te omzeilen. De kans dat een controle zou uitgevoerd worden in Mexico was allicht uiterst klein, zo niet onbestaande.

Zijn wielerploeg beëindigde in juli 2007 dan ook stante pede de samenwerking met de sjoemelende renner.

Niet enkel Michael Rasmussen, maar vooral het whereabouts-systeem oogstte voor het eerst mondiale media-aandacht.

De Whereabouts-regeling

De whereabouts-regeling is een systeem dat in het jaar 2004 werd ontwikkeld door het World Anti Doping Agency, gekend onder de naam WADA.

Dit systeem legt een beperkte groep elitesporters, die vooral actief zijn binnen de duursporten zoals atletiek en wielrennen, de verplichting op om de nationale anti-doping organisatie voorafgaandelijk (trimestrieel) te informeren over de verblijfplaats waar zij dagelijks zullen vertoeven en (sinds 2007) waar zij op een door de sporter gepreciseerd uur beschikbaar zullen zijn voor eventuele, onaangekondigde controles buiten competitie.

Dergelijke controles zijn nuttig omdat het dopinggebruik zich vooral situeert in de voorbereiding naar een competitie (bij voorbeeld door inname van spieropbouwende- en versterkende middelen).

Het overmaken van de verblijfsgegevens is bijgevolg, zoals de WADA het zelf zegt, cruciaal “for maximizing the surprise effect and the efficiency of unannounced out-of-competition testing.”

De sanctie die het WADA oplegt bij miskenning van de wherabout-regels, is niet mals: drie gemiste controles, verkeerde registraties of verzuimen om de juiste verblijfsgegevens te verstrekken, kunnen  leiden tot 2 jaar schorsing.

De verplichting van de elitesporter om zijn of haar verblijfsgegevens door te geven aan de Nationale dopinginstanties houdt in dat de topsporters niet alleen hun verblijfsgegevens dienen te registreren voor trainings- en competitieperiodes, maar zélfs voor ziekteverlof-, arbeidsongeschiktheids-, vakantie- en rustperiodes.

Deze verplichting werd/wordt door vele atleten ervaren als een zware aantasting van het recht om te gaan en te staan waar men wenst en als een inbreuk op hun privéleven.

Het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM)

Twee bepalingen staan centraal in de discussie: artikel 8 EVRM en artikel 2 van het Vierde protocol.

Artikel 8.1. van het EVRM bepaalt de eenieder recht heeft op respect voor zijn privéleven, zijn familie- en gezinsleven (…).

Geen inmenging van enig openbaar gezag is toegestaan in de uitoefening van dit recht, behalve in de bij artikel 8.2. (escapeclausule) voorziene gevallen, te weten: wanneer dit bij de wet is voorzien en in een democratische samenleving noodzakelijk is in het belang van de nationale veiligheid, de openbare veiligheid of het economisch welzijn van het land, het voorkomen van wanordelijkheden en strafbare feiten, de bescherming van de gezondheid of de goede zeden of voor de bescherming van de rechten en vrijheden van anderen.

Artikel 2 van het Vierde protocol heeft het over de vrijheid van verplaatsing binnen het eigen land (art. 2.1.) en over het recht om een land te verlaten (art. 2.2.). Het bevat tevens (art. 2.3.) een quasi-gelijkluidende escapeclausule als artikel 8 van het verdrag.

Whereabouts en het standpunt van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM)

Enkele Franse sportfederaties (voetbal, rugby, handbal en basket) en een honderdtal sporters (waaronder Jeannie Longo, die reeds 1200 negatieve controles had ondergaan) richtten, na tevergeefs de Franse regelgeving bij de Franse Raad van State te hebben aangeklaagd, hun hoop op het EHRM.

Deze rechtsgang naar Straatsburg werd voor vele verzoekers (waaronder de federaties) niet ontvankelijk verklaard, doch 17 bleken de ontvankelijkheidsklip te kunnen ronden.

Op 18 januari 2018 oordeelde de vijfde kamer van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in een rijkelijk gestoffeerd arrest (waarbij eerst alle toepasselijke regelgeving op een rijtje wordt gezet) dat de verplichting voortvloeiend uit de whereabouts-regeling een inbreuk vormt op het voorschrift van artikel 8.1. (*)

Het Hof gaat vervolgens na of de beperking van het grondrecht kan verantwoord worden.

Geoordeeld wordt dat de whereabouts-regeling door een wet wordt voorzien, ook al worden de uitvoeringsbepalingen getroffen door het anti-dopingagentschap.

Bij de hierop volgende afweging tussen het recht op privacy van de topsporter en het algemeen belang van de maatschappij bij de strijd tegen doping, wijst het Hof op de bekommernis om de gezondheid te beschermen, niet alleen van de topsporter, maar bij uitbreiding van elke sporter, in het bijzonder de jongeren.

Voorts wordt gewezen op de vereiste van ethisch verantwoorde en loyale sportbeoefening.

Tot slot benadrukt het Hof dat het geenszins de impact van localisatieverplichtingen voor de topsporters op hun privéleven onderschat. Toch meent het Hof dat in een democratische samenleving het algemeen belang het whereabouts-systeem kan rechtvaardingen en de inbreuk op het recht op privacy verantwoorden.

Het afzwakken of afschaffen van de whereabouts-regeling zou volgens het Hof tot gevolg hebben dat het risico op dopinggebruik zal stijgen en daarmee gepaard gaand het gevaar van dit dopinggebruik op de gezondheid van de gehele sportgemeenschap.

Daarnaast zou een afschaffing van deze regeling in strijd zijn met de Europese en internationale consensus over de noodzaak van onaangekondigde dopingcontroles.

Kortom, de beperking van het recht op privacy wordt in de gegeven omstandigheden niet strijdig geacht met de voorschriften van artikel 8 EVRM.

Artikel 2 van het vierde Protocol acht het Hof niet toepasselijk.

GPS-technologie ter vervanging van het Whereabouts-systeem?

Het WADA putte klaarblijkelijk moed uit het arrest van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens en onderzoekt een nieuwe piste tegen dopinggebruik: gps-technologie.

Gps-technologie zou moeten toelaten om op elk moment atleten te onderwerpen aan onaangekondigde dopingcontroles.

Dit initiatief krijgt evenwel veel tegenwind, om twee redenen.

Vooreerst zou een gps-localisatie het voorwerp kunnen vormen van hacking. Op die manier zouden de gegevens van een atleet kunnen gemanipuleerd worden.

Daarnaast zou dit systeem een ononderbroken en zwaarwichtige inbreuk vormen op het recht op privacy: één die de toets van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens wellicht niet zou doorstaan.

In elk geval zou gps-localisatie er wielrenners zoals Michael Rasmussen wél bij helpen om zich niet langer in Mexico te wanen, terwijl ze in de Dolomieten vertoeven.

(*): Dit arrest is nog niet definitief, maar zal het op 18 april aanstaande worden tenzij de Grote Kamer een verzoek tot beroep zou inwilligen.

delen op

Blijft u graag op de hoogte
van onze visie op advocatuur
en de actualiteit?
Geïnteresseerd in lezingen of studiedagen?

schrijf u in op onze nieuwsbrief

Blijft u graag op de hoogte
van onze visie op advocatuur
en de actualiteit?
Geïnteresseerd in lezingen of studiedagen?

schrijf u in op onze nieuwsbrief

2018-06-05T21:36:41+00:00